Een nieuw decennium, een nieuw geluid? Aan de hand van de vele voortekenen is dit decennium al ruimschoots ingeluid! Nooit eerder vertoonde schuldgroei, ‘uitzinnige’ uitholling van onze koopkracht via een ongebreidelde verruiming van de geldmarkt, manipulaties en machinaties op de edelmetaalmarkt alsmede het stimuleren van een ‘feel good feeling’ op de beurs en de vastgoedmarkt bepalen vooralsnog in hoge mate het huidige marktbeeld. Why worry, be happy!  

Dit gevoel wordt mede gevoed door het vooralsnog veel te geringe gewag van deze nauwelijks te bevatten ontwikkeling op de financiële pagina’s van de mainstream media. Wanneer breekt de ontnuchtering uit? De huidige generatie beleidsmakers zit volkomen klem en doet voorkomen alsof er klaarblijkelijk niet zo veel aan de hand is. Immers, de sociale rust blijft de primaire beleidsdoelstelling whatever it takes! Echter, hoe langer de systeemomslag vooruitgeschoven wordt, hoe hoger de gepresenteerde rekening!

Gevaren
Alleen het uitblijven van inflatie met een sterke economische groei kunnen “dit sprookje” nog een tijdje gaande houden. Helaas, de laatste berichten uit de V.S. dreigen evenwel ook dit sprookje te gaan verstoren. Marktonderzoeksbureau ISM signaleerde intussen minder opwekkende berichten. De ISM Manufacturing Index gedurende de laatste vijf maanden van vorig jaar laat een dalende trend zien en drukte voor december een stand van 47,2 af beneden de evenwichtsstand van 50 punten. Nog niet dramatisch maar wordt kritisch bij 43 punten.


De verslechtering wordt vooral gedreven door minder fabrieksorders en een lagere productie. Een ontwikkeling die zich overigens al vanaf 2009 begon af te tekenen. De productiesector wordt geplaagd door afnemende investeringen, een wereldwijd afnemende vraag en toenemende onzekerheid. De handelsoorlog tussen de V.S. en China is hieraan niet vreemd, terwijl de recent toegenomen geopolitieke spanningen tussen de V.S. en Iran in dit beeld nog nauwelijks of niet zijn meegenomen. Verder blijken leveranciers de hogere kosten als gevolg van de handelsoorlog intussen door te berekenen aan hun afnemers. Inflatie is daarmee in the cards.. Alleen als Trump bakzeil haalt, zou “de schade” wellicht beperkt kunnen blijven.

Het gaat in dit kader uiteraard niet alleen om de V.S., daar het oog in het algemeen gericht is op de wereldhandel. Ook hier zijn de geluiden niet zo opwekkend. De vraag is in hoeverre een verbetering in zicht zou komen wanneer Fase I binnen de handelsoorlog positief zou worden afgerond. Maar zelfs als dit mocht gebeuren dan is daarmee het einde van deze oorlog nog geenszins in zicht. Immers, de onderwerpen waarom het draait: vrije vestiging van bedrijven, waarborging van patenten, afschaffing van ondernemingssubsidies, openheid van de relatie tussen het Chinese bedrijfsleven en de Chinese (communistische) staat staan ook uitdrukkelijk op Trump’s verlanglijstje. Uiteindelijk gaat het maar om één Leitmotif: de suprematie op het wereldtoneel, waarover de V.S. noch China het ooit eens zullen worden. En resteert de vraag welke sancties Europa nog te wachten staat.

Met name in het laatste kwartaal begon de Federal Reserve agressief nieuw geld in een verrassend illiquide banksysteem te injecteren middels de zgn. repurchase (repo) agreements, waarbij de Fed’s reserves als onderpand dienen. In tandem met de Fed ging de ECB ook overstag, terwijl de BoJ wederom in starthouding verkeert. De grootste angst bij deze instituten is om te voorkomen dat de wereldeconomie zich richting een recessie beweegt. Daarmee zou aangetoond worden dat hun “ruime” beleid een even ruime drogreden tot economisch herstel zou blijken te zijn geweest. Gelet op de Baltic Dry Index blijkt deze opnieuw steeds meer “droog” te komen staan. De BDI volgt uitsluitend de droge stoffen transportbewegingen op de wereldmarkt. Een evidente trendbevestiging!



Minder economische groei impliceert ook minder belastinginkomsten, terwijl het budget- tekort alleen maar verder oploopt. Volgens de Congressional Budget Office staat het federale tekort over de eerste twee maanden van 2020 genoteerd voor $342 miljard. Gerekend over het gehele jaar kom je dan uit op $2 biljoen. Hamvraag: wie zal de groeiende overheidstekorten nog willen financieren (?) behalve de centrale bank middels monetaire financiering, resulterend in een nog verder wegschrompelende koopkracht op enige termijn(!)
Een ander signaal komt van de centrale banken volgend op de opgetreden verstoringen in de repomarkt die duidelijk maken hoe lastig het wordt om het ongelimiteerde geld bijdrukken als beleid terug te draaien. Naar op Bloomberg op 2 januari te lezen stond, blijkt uit gegevens van de World Bank dat het gemiddelde balanstotaal van de Fed, ECB, BoJ en BoE gezamenlijk bijna 36% van het totale BBP beslaat, tegen nog geen 10% in 2008. Dit cijfer vloeit voort uit de biljoenen die in de afgelopen jaren out of thin air in het monetaire circuit zijn gepompt. ’Restated’ staat er dat deze balanstotalen sneller groeiden dan de onderliggende BBP’s!

Wat gebeurt er wanneer de centrale banken dit “pompbeleid” stoppen? Wel, hetzelfde als eind 2018 toen de Fed middels de afbouw van het “pompbeleid” en de renteverhogingen met lede ogen moest toezien hoe snel de groei vertraagde en de beurs in het laatste kwartaal 2018 een duikeling van bijna 13% maakte. Zodra aanvang 2019 de verruiming weer ruimbaan werd geboden, trokken de beurzen allengs weer aan om het jaar met een beste winst van ruim 25% af te sluiten. Geen vuiltje meer aan de lucht doch intussen gaat de robbery van de koopkracht vrolijk door!

Samengevat, een afzwakkende economie, een groeiend fiscaal tekort, nog lagere rentes en nog meer QE liggen zwaar op de maag van het macro scenario voor 2020.

Goud
De gevolgen van “de uitwoning” van de koopkracht van de belangrijkste valuta’s zijn in deze meest recente chart beneden treffend weergegeven.

Deze “tekening” van de World Gold Council (WGC) zal ongetwijfeld evenmin onbekend zijn bij de centrale bankiers. Het behoeft geen betoog meer dat de vraag naar fysiek goud de laatste jaren fors is gestegen. Dat gold wat de WGC betreft met name de particuliere sector in China en India met een stijging van maar liefst ca. 24.000 ton. Anderzijds hebben de centrale banken zich evenmin onbetuigd gelaten door hun reserves op te hogen naar totaal 34.500 ton, juist om een tegenwicht te vormen tegen de steeds verdere koopkrachtontwaarding van de fiat valuta. De jaarlijkse goudproductie thans tussen 3.000 en 3.500 ton steekt hiertegen schril af.
In het kader van de manipulaties op de COMEX futures beurs is het goed te weten dat de fysieke hoeveelheid goud in Londense kluizen volgens een opgave van de London Bullion Market Association (LBMA) slechts 3.052 ton bedraagt, exclusief de voorraad van de Bank of England. In wezen veel te gering om in geval van nood aan de alsdan ontstane fysieke vraag bij een dekking van een schrale 2% te kunnen voldoen. Het systeemrisico is dan levensgroot. Een ware fysieke koopgolf is dan niet langer ondenkbaar die de prijs navenant opstuwt in het spiegelbeeld waarvan de koopkracht van de papieren valuta’s juist versneld wegsmelt. Een valutacrash komt dan levensgroot in beeld met hyperinflatie als nieuwe fase in het vooruitzicht. Daarmee is die vermaledijde omslag meer dan manifest!

Opnieuw is de vraag gewettigd tot welk niveau de goudprijs vervolgens zou moeten stijgen? Niet ongemerkt is dat het edelmetaal middels de prijsstijging vorig jaar al een schot voor de boeg heeft afgegeven. Dit niettegenstaande het “alle hands aan dek” beleid op de COMEX teneinde die stijging zo veel mogelijk te kunnen blijven neutraliseren. Juist vooral nu de buitenlandse interesse voor US Treasuries sterk tanend is en er bijgevolg sprake is van steeds meer monetaire inflatie! Hiermee kan niet langer ontkend worden dat de U.S.A. zich in een fatale debt trap bevindt, waaruit ontsnappen last but not least ondenkbaar is.



Uit de bovenstaande grafiek valt af te leiden dat de bullion banks na de aanvankelijk “toegelaten” stijging tot boven $1.500 de prijsontwikkeling vanaf augustus tot december weer “onder controle” hadden gekregen, zij het met de nodige “inspanningen”. Tevens blijkt dat zilver gezien de veel geringere marktomvang en de aanzienlijk lagere prijsbasis gemakkelijker onder de duim kon worden gehouden. Goed beschouwd is het nog steeds een gotspe dat de zilverprijs in een verhouding van 86 : 1 in plaats van de historische verhouding 16 : 1 zo ver naar beneden kon worden “bijgesteld”: 86 ounces zilver voor 1 ounce goud!

De meeste analisten volgen vakgetrouw de technische analyse en ontwaren dan weerstanden op niveaus als $1.560 voordat er een ‘pullback’ mag worden verwacht. Het volgende weerstandsniveau zou vervolgens in de orde tussen $1.700 en $ 1.800 komen te liggen. Anderen menen dat de goudprijs het spiegelbeeld van de dollar vormt, dus daalt de dollar dan stijgt de goudprijs en vice versa. In principe juist zonder manipulaties!
Deze manipulaties zijn er juist op gericht de goudprijs at bay te houden teneinde de dollarzwakte zoveel mogelijk te verhullen. Kortom, technische analyse loopt in dit geval altijd achter de feiten aan en heeft weinig voorspellende waarde. Dit zelfde geldt overigens ook voor zilver en de andere edelmetalen die doorgaans op en neer dansen met het goud.

Een belangrijk signaal is evenwel duidelijk zichtbaar op onderstaande chart, waarop het langjarige weerstandsniveau van $1.390 nu wel definitief doorbroken lijkt. Het huidige niveau zal meer manipulatie inspanning vergen dan het vorige weerstandsniveau gezien de hogere prijs en het aantal contracten dat dienovereenkomstig out of thin air geproduceerd dient te worden, dus met meer risico!

Uiteindelijk zal de reële goudprijs door de marktomstandigheden worden afgedwongen, gevoed door het volledig failliete centrale bankenbeleid. Dan zal blijken dat het huidige prijsniveau middels een crack-up boom geen enkele relevantie meer bevat.

De goudstandaard
Een centrale banksysteem dat gestoeld is op een ongedekte valuta vormt de antithese van een goudstandaard. Immers, valutamanipulatie zet aan tot koopkrachtontwaarding (zie boven), creëert verstoringen op de kapitaalmarkt resulterend in een bubbeleconomie, zet aan tot wantrouwen in de onderliggende valuta en leidt uiteindelijk tot economische verarming in een neergaande business cyclus.

Bij een adequate inzet van de goudstandaard, waarbij de valutaire rekeneenheid een vast gewicht aan goud vertegenwoordigt, kan geen sprake meer zijn van bovengenoemde “ongemakken”. Dat heeft de goudstandaard periode vóór de oprichting van de Fed in 1913 meer dan duidelijk aangetoond. Nadien werd al de hand gelicht met een evenwichtig uitgavenbeleid, maar bleef de muntkoppeling onder de Bretton Woods overeenkomst (1944) met de dollar als de mondiale reservevaluta tot in 1971 (Nixon) gehandhaafd. Nadien werd het ongeremde en ongerijmde uitgavenbeleid steeds verder opgerekt resulterend in een volmaakte debauch of the currency (losbandig valutabeleid), waarin alle valuta’s .moesten meegaan binnen de rol van de dollar als “moedervaluta”.
Een reset bij schuldinflatie zoals in 1933 zal de feilen van een “versleten” valuta thans nog veel pijnlijker blootleggen. Om de huidige schuldhoogte te kunnen “accommoderen” zal de goudprijs dienovereenkomstig opnieuw dienen te worden aangepast. Dit rekensommetje is al eerder gemaakt en leidde op basis van de uitstaande schuld ongeveer een jaar geleden tot een voorzichtige schatting met een uitkomst in orde van $10.000 per ounce. De schuldgroei is evenwel geen statisch maar een buitengewoon dynamisch gegeven!

Gezien het feit dat het edelmetaal als asset allocation volgens insiders nauwelijks meer dan 1% bedraagt (hoogste percentage ooit was 8% in 1980), mag er bij een schokgolf op een ongekende turbulentie worden gerekend! Het edelmetaal zal dan niet meer aan te slepen zijn.

Degenen die deze koe zonder “gouden horens” zouden moeten/willen/kunnen vatten, staan tot dusver nog niet te trappelen in de wetenschap dat het een ongemeen rough ride zal worden!

Robert Broncel Copyright, 8 januari 2020 [email protected]

PS. deze column wordt ook verzonder aan DNB president Klaas Knot.