Door de vervroegde verkiezingen in het VK is een 'zachte' Brexit volgens veel analisten waarschijnlijker geworden, maar volgens Nils Pratley van The Guardian moeten beleggers zich niet laten meeslepen.
De daling van 180 punten van de FTSE 100-index op de dag dat de Britse premier Theresa May vervroegde verkiezingen aankondigde voor 8 juni kunnen beleggers negeren, zo stelt marktcommentator Nils Pratley van The Guardian. Een deel van de daling trad op voor de aankondiging van May en de rest kan worden verklaard door een sterkere pond, die de waarde van de vele grote 'dollar-verdieners' in de index drukt.
De echte vraag is volgens Pratley waarom het pond, dat een hoogtepunt in zes maanden bereikte, zo sterk reageerde op de vervroegde verkiezingen. De stijging van de Britse munt werd volgens hem veroorzaakt doordat valutahandelaren verwachten dat de verkiezingen een grotere meerderheid voor de Conservatieve Partij (Tory) in het Lagerhuis zullen opleveren en tot een mildere vorm van Brexit zullen leiden.

Game-changer
Zo stellen de analisten van Deutsche Bank, die de verkiezing als een "game-changer" voor het pond en de Brexit-onderhandelingen beschouwen, dat Theresa May zich bij een grotere meerderheid los kan maken van het "onrealistische tijdschema" van de eurosceptici in haar eigen partij.

Door de vervroegde verkiezingen vervalt de deadline om voor 2019, het jaar waarin de verkiezingen oorspronkelijk stonden gepland, het Brexit-proces te hebben afgerond. Ook zal de invloed van de voorstanders van een harde Brexit verwateren en kan May voldoen aan de wens van de EU om eerst de rekening van de scheiding af te handelen en daarna te onderhandelen over de details van een Brexit.

Minder crash-risico Brexit-onderhandelingen

"Deze gefaseerde aanpak vermindert het "crash-risico" van de Brexit-onderhandelingen aanzienlijk en versterkt de positie van de premier in haar streven naar een ordelijke (en zeer langdurige) terugtrekking uit de EU", zo beweren de analisten van Deutsche Bank. Tot op zekere hoogte lijkt deze lijn legitiem te zijn, zegt Pratley.
"Indien het voor het bewerkstelligen van een "succesvolle" Brexit nodig is om een paar pragmatische compromissen te sluiten - en dat is toch wel de les van de eerste schermutselingen met de EU-onderhandelaars - kun je het May niet kwalijk nemen dat ze dekking zoekt tegen de hard-liners in haar eigen partij", aldus Pratley.

Het vooruitschuiven van de volgende verkiezingen tot 2022 lijkt volgens hem dan ook een slimme politieke zet. "Het schept tijd voor een driejarige overgangsfase vóór de Britse kiezers terugkeren naar de stembus en de scherpe randjes van een eventuele economische schok op het moment van Brexit in 2019 zijn er dan mogelijk af."
Volgens Pratley is het dan ook redelijk voor beleggers om enige troost te vinden in het idee dat een marktvriendelijke "zachte" Brexit nu gemakkelijker is voor te stellen. Maar beleggers moeten zich volgens hem niet laten meeslepen met het idee. "Marktonzekerheden verdampen zelden zo gemakkelijk. En wat als de verkiezing een rommelig resultaat of zelfs een nauwelijks grotere Tory-meerderheid opleveren? Wat is er dan echt veranderd?"